Gemeenten moeten wettelijke grenzen respecteren
Advies, 14 mei 2008
De inzet van video-apparatuur om heimelijk te controleren of uitkeringsontvangers frauderen, vormt een stelselmatige observatie in de zin van het Wetboek van Strafvordering. Dat is in strijd met de wet, behalve als de officier van Justitie daarmee heeft ingestemd. Dit heeft het CBP laten weten in reactie op een adviesaanvraag van de gemeente Groningen. Voor een tweede project dat de gemeente voor ogen stond om zwart geld bij bijstandsontvangers te bestrijden, het koppelen van gegevens van de sociale dienst aan die van het Meldpunt Ongebruikelijke Transacties, bestaat evenmin een wettelijke grondslag.
lees het volledige advies (20 KB)
Notitie heimelijke waarneming door sociale diensten (63 KB)
Notitie Fraudebestrijding en bestandskoppeling (31 KB)
Uitkeringsfraude moet worden bestreden. Daarover verschillen het CBP en gemeenten niet van mening. Het CBP heeft in diverse publicaties, waaronder de notities ‘Heimelijke waarneming door sociale diensten’ en ‘Fraudebestrijding en bestandskoppeling’, exact omschreven aan welke eisen controleacties van gemeenten moeten voldoen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen drie fases: routinecontrole, nadere controle en opsporing en vervolging van uitkeringsfraude. De rode draad is dat overheden geen disproportioneel zware middelen mogen inzetten om meestal onverdachte uitkeringsontvangers te controleren.
De inzet van videoapparatuur om ten behoeve van de opsporing heimelijk opnamen te maken, mag alleen indien sprake is van verdenking van een misdrijf. Daarmee heeft de wetgever aangegeven dat dit een ernstige inbreuk vormt op de persoonlijke levenssfeer. Stelselmatig video-opnames maken mag dan ook alleen in de opsporings- en vervolgingsfase plaatsvinden en alleen als de Officier van Justitie daarmee heeft ingestemd.
Het verstrekken aan gemeenten van gegevens van het Meldpunt Ongebruikelijke Transacties steunt, anders dan de gemeente Groningen aanvoert, evenmin op een wettelijke grondslag. De Wet MOT of de Wet politiegegevens laten dit niet toe. Er is bij het CBP ook geen nadere regelgeving bekend waarin de verstrekking van gegevens door het meldpunt ten behoeve van controle op uitkeringsfraude is geregeld. Tijdens de in 2005 en 2006 gevoerde discussie over bestandskoppeling en fraudebestrijding heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de gemeente ook al laten weten dat de door haar beoogde bestandskoppeling niet tot de mogelijkheden behoorde. Naar aanleiding van deze discussie heeft het CBP in september 2006 de notitie Fraudebestrijding en bestandskoppeling uitgebracht. Daarin is onder meer vastgelegd dat nadere controle van een groep onverdachte uitkeringsontvangers alleen op basis van een risicoanalyse kan plaatsvinden. De Sociale Inlichtingen en Opsporingsdienst werkt momenteel aan de ontwikkeling daarvan. Voor het ontwikkelen en testen van de risicoanalyses mag tijdelijk in beperkte mate gebruik worden gemaakt van persoonsgegevens. Maar voor het koppelen van volledige bestanden is, anders dan de gemeente Groningen aangeeft, geen mogelijkheid geopend.
Bron: Cbpweb.nl, 14-05-2008
Welcome to the real world...