De mogelijkheden voor de circa veertig opsporingsinstanties in Nederland om te snuffelen in allerlei databases van bedrijven zijn de afgelopen jaren flink uitgebreid, mede door de terreuraanslagen in de Verenigde Staten, Madrid en Londen. Maar hoe effectief is de opsporing? „Wat we nu van de aanslagen van 11 september weten, is dat de informatie voorhanden was, maar niet goed is gebruikt", zegt voorzitter Jacob Kohnstamm van het College Bescherming Persoonsgegevens. „Dat geldt ook voor Mohammed B. Over hem wisten we echt alles, maar de informatie is niet op de juiste plek gekomen of niet goed geanalyseerd. Dus je moet niet nóg meer gegevens verzamelen, maar de bestaande beter analyseren." Kohnstamm roept het al jaren, maar het politieke klimaat is ernaar dat zijn adviezen keer op keer in de wind worden geslagen. Ter-reurbestrijding gaat voor alles, ook de privacy van onschuldige burgers.
Deze kritiek kreeg ruim een maand geleden opvallende weerklank. Ruim vier maanden nadat het rapport afwas, maakte het ministerie van Binnenlandse Zaken het rapport Data voor Daadkracht openbaar. Met een briefje van minister Ter Horst met de mededeling 'ik doe niets met de conclusies'. Dat is vreemd, gezien de inhoud van het rapport. Informatie wordt soms zonder geldig doel opgevraagd, onbevoegden kunnen bij allerlei gegevens en de verhouding tussen de verdenking en de hoeveelheid ingewonnen informatie is zoek. „Een linkse directe voor degenen die massaal gegevens willen verzamelen" becommentarieert Kohnstamm. Maar het bleef stil.
Op een uitzending van het radioprogramma Argos en een verdwaald hoofdredactioneel commentaar na werd er vrijwel geen ruchtbaarheid aan gegeven.„Ik ben jaloers op de voorlichters van het ministerie van Binnenlandse Zaken, want als zij het rapport niet zo gewiekst openbaar hadden gemaakt, had de inhoud ervan op alle voorpagina's gestaan." Want opsporingsinstanties grasduinen zich suf. Hoeveel? Dat weet niemand. Ook ontbreekt vaak juridische grondslag en is de effectiviteit van de data-analyses onduidelijk. Het kost de bevraagde partijen een hoop geld. Alleen banken zijn per jaar al zo'n 320 miljoen euro kwijt om gegevens op te diepen. En de politie verwacht dat de hoeveelheid gegevens die ze opvraagt de komende tijd jaarlijks zal verdubbelen. De gegevensverwerking gebeurt steeds professioneler. Via statistische analyses worden risicogroepen bedacht. Kohnstamm: „De overheid wil al die informatie maar verzamelen, onder het motto 'wie wat bewaart, die heeft wat'. Terwijl alle experts zeggen: select before you collect. Als je vervuilde bestanden gaat doorzoeken, maak je veel mensen ten onrechte verdacht. De techniek om immense hoeveelheden data op te slaan is er, goede zoekmethoden nog niet."„Maar,er is nog een erger probleem. Over de onbalans tussen nut en nopdzaak van gegevensverzameling en de privacy moet stevig worden gedebatteerd, maar de regering heeft weinig oog voor de bezwaren, net als de politiek. We proberen druk uit te oefenen, maar Tweede Kamerleden willen het ongebreideld inzamelen van gegevens mogelijk maken, zodat ze, als er iets gebeurt, kunnen zeggen: Wij hebben gedaan wat we konden, aan ons heeft het niet gelegen. Die gedachte is fout, constateert het rapport bijvoorbeeld over de moord op Theo van Gogh. De conclusie: de regering had alles kunnen weten, maar had haar zaakjes gewoon niet goed geregeld."
Bron: FSF, 16-10-2007
Welcome to the real world...