Bijwonen meetings is voor justitie bewijs van terrorisme

Het Openbaar Ministerie vindt dat het bijwonen van ‘opruiende bijeenkomsten’ en het ‘tot zich nemen van opruiend materiaal’ bewijs vormt voor deelname aan een terroristische organisatie.

Dat bleek dinsdag tijdens de regiezitting in het hoger beroep tegen veroordeelde Hofstad-leden voor het gerechtshof in de ‘Bunker’ in Amsterdam-Osdorp.

Daarmee zet het OM een stap verder dan de rechtbank, die onder andere het verspreiden van radicale geschriften in het Hofstad-vonnis kwalificeerde als een ‘deelnemingshandeling’ van een terroristische organisatie.

Advocaten vonden dit veel te ver gaan, maar het OM stelt dat de grens nog lager mag. Ook het lezen van opruiende geschriften of aanhoren van radicale preken zou een deelnemingshandeling kunnen zijn.

Het Openbaar Ministerie is ‘van God los’, reageerde raadsman Nooitgedagt gisteren voor het hof op de plannen van justitie. ‘En er staat nogal wat op het spel.’ Fundamentele rechten, zoals de vrijheid van godsdienst en informatievergaring, worden volgens hem nog verder aangetast.

Ook op andere punten stonden het OM en de raadslieden lijnrecht tegenover elkaar in de regiezitting waarin de partijen hun onderzoekswensen kenbaar maken.

De advocaten-generaal, de aanklagers in hoger beroep, verzetten zich tegen de meeste verzoeken van de raadslieden. ‘Mijn cliënt is tot dertien jaar veroordeeld’, zei Van der Horst, de raadsman van Ismail A. ‘Inhoudelijk en feitelijk kent deze zaak veel discutabele kanten, maar u hoeft geen getuigen meer te horen. U zegt: stempel nog maar een keer dertien jaar en het is goed.’

Net als de meeste advocaten, had Van der Horst een uitgebreide lijst met getuigen die hij wil ondervragen. Volgens hem is daartoe een ‘evidente noodzaak’ omdat het accent in hoger beroep anders ligt dan in eerste aanleg. Het OM wilde toen aantonen dat de Hofstad-groep het plegen van geweld als oogmerk had.

De rechtbank achtte dat niet bewezen. Wel was er volgens de rechters sprake van een terreurgroep die opruiing, aanzetten tot haat en bedreiging tot doel had. Het OM tekende in zeven zaken beroep aan omdat het de uitleg van een terroristische organisatie te beperkt vond.

Volgens aanklagers zijn de meeste getuigen al eens gehoord, en hoeft dat niet nog een keer. Toen was echter nog niet bekend dat de rechtbank de groep als een opruiende en haatzaaiende terreurorganisatie zou kwalificeren, aldus de raadslieden.

Bron: Ditkannietwaarzijn.nl, 31-01-2007



Welcome to the real world...