Ombudsman: Individueel gedrag valt nu niet te controleren
Het gedrag van leden van de mobiele eenheid moet beter te controleren zijn. Dat stelt de Nationale Ombudsman in een brief aan minister Remkes van binnenlandse zaken.
Ombudsman Alex Brenninkmeijer doet de oproep na een klacht van twee FC Utrecht-supporters. Eén van hen werd voor de wedstrijd Ajax-FC Utrecht in 2002 driemaal met de wapenstok geslagen, omdat hij na een charge een ME'er om zijn naam had gevraagd.
Alle geüniformeerde politiefunctionarissen zijn verplicht om zich desgevraagd te identificeren tegenover burgers. Maar ME'ers weigeren dit meestal, omdat zij menen dat de hectische omstandigheden waarin zij opereren identificatie niet toestaan.
Dit gat tussen praktijk en feitelijke regelgeving moet volgens de ombudsman worden gedicht. Hij heeft er begrip voor dat de mobiele eenheid haar werk soms onder zeer agressieve omstandigheden moet doen, maar stelt dat de identiteit van individuele ME'ers na een optreden 'altijd te achterhalen moet zijn'.
Duidelijk zichtbare identificatie-tekens gaan wat hem betreft te ver. Zo stelde GroenLinks in 2000 voor ME'ers te voorzien van rugnummers, om zo makkelijker individuele agenten te kunnen herleiden. Dat voorstel haalde het niet, omdat herkenbaarheid ervoor kan zorgen dat individuele ME'ers tijdens rellen mikpunt van de massa worden.
Minister Remkes lijkt vooralsnog niet van plan om aan de oproep van de Ombudsman tegemoet te komen. In een brief over de kwestie aan burgemeester Cohen van Amsterdam, van 22 september 2005, schrijft Remkes al 'niet voornemens' te zijn om de individuele herkenbaarheid van ME'ers te vergroten.
Volgens Remkes is de huidige regelgeving en de herkenbaarheid van groep, sectie of peloton 'voldoende duidelijk'. Acties van individuele ME'ers zouden na afloop van een optreden voldoende herleidbaar zijn, stelt hij. Brenninkmeijer bestrijdt dit en stelt vast dat de onduidelijkheid voor veel klachten zorgt.
Bron: Trouw, 16-03-2006
Welcome to the real world...