Jaarverslag CBP: maatschappelijke ontwikkeling gebaat bij bescherming
persoonsgegevens
Persbericht, 12 juli 2006
Het CBP pleit in zijn jaarverslag over 2005 voor een grotere
investering in een zorgvuldige en fatsoenlijke omgang met de persoonlijke
gegevens van de Nederlandse burgers. Meer aandacht voor de bescherming van
persoonsgegevens is een directe investering in het vertrouwen van burgers
in overheid, bedrijfsleven en samenleving. Nieuwe informatiesystemen en
nieuwe technologie moeten daarom benut worden om een deugdelijke
gegevensbescherming te realiseren. Bij actuele initiatieven zoals het
burgerservicenummer en de OV-chipkaart wordt die kans vooralsnog onvoldoende
gegrepen. Het burgerservicenummer dient vooral de overheid terwijl niet
voorzien is in krachtige hulp voor de burger bij administratieve
ongelukken. De OV-chipkaart biedt reizigers en vervoerders allerlei voordelen
maar vooralsnog wordt geen recht gedaan aan de keuzevrijheid van de
klant.
Zorgen om terrorisme, onveiligheid en maatschappelijke misstanden
hebben vele bestuurders, politici, belangenbehartigers en opinieleiders er
ten onrechte toe verleid de bescherming van persoonsgegevens als
zondebok of als obstakel aan te wijzen. In dit klimaat wordt de bescherming
van persoonsgegevens ook opzij geschoven als concrete belangen van
consumenten, ouders of patiënten aan de orde zijn. De tendens bestaat om er
niet langer van uit te gaan dat deelnemers aan het maatschappelijke
verkeer te vertrouwen zijn. In vrijwel alle dagelijkse situaties - reizen,
dierentuin- of zwembadbezoek, winkelen en werken - wordt gestreefd naar
permanent toezicht of identiteitscontroles met middelen die vroeger
alleen werden ingezet als staats- of bedrijfsgeheimen op het spel stonden.
In een vroeg stadium worden bevoegdheden en middelen gebruikt die
voorheen pas bij concrete repressie werden ingezet. Bij fraudebestrijding
lijkt het beroep op een sociale voorziening voldoende grond geworden om
opsporingsgerichte activiteiten zoals bestandskoppelingen in gang te
zetten. Nieuwe technologische toepassingen maken dit mogelijk en bepalen
ogenschijnlijk de grenzen van wat mag.
"Wezenlijk is de noodzaak van én controle én vertrouwen"
Het CBP heeft in 2005 niet in alle kwesties zijn aandeel ten volle
kunnen nemen. De beleidsverschuiving naar meer onderzoek en handhaving kon
slechts beperkt worden gerealiseerd. Meer dan voorheen heeft het CBP
bewust geïnvesteerd in contact en overleg met maatschappelijke partijen.
Op enkele grote dossiers is getracht te doen wat gezien de inherente
risico's voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer gedaan moest
worden:
Zorgstelsel: veel aandacht is besteed aan de vernieuwing van het zorgstelsel. In nauw overleg met de zorgverzekeraars en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is getracht de vertrouwelijkheid tussen patiënt en zorgverlener te beschermen.
Terrorismebestrijding en veiligheid: met de andere Europese privacytoezichthouders is gewerkt aan een betere inrichting van de Europese samenwerking van politie en justitie (o.a. Schengen-informatiesysteem en Europol) en de ontwikkeling van een Europees normenkader voor deze samenwerking en het toezichtdaarop.
Bewaren telecommunicatiegegevens: het CBP heeft zich met anderen krachtig maar zonder succes verzet tegen de introductie van een algemene bewaarplicht voor de zogenaamde verkeersgegevens van de telecommunicatie van alle 450 miljoen Europese burgers.
Fraudebestrijding in de sociale zekerheid: het CBP heeft een kader ontwikkeld voor de bestrijding van uitkeringsfraude met name door bestandskoppelingen.
Burgerservicenummer: bij herhaling heeft het CBP in het parlement brede steun gevonden voor zijn kritiek op de inrichting van het burgerservicenummer ten behoeve van de nieuwe informatie-infrastructuur van de overheid. Belangrijk punt in deze kritiek is het ontbreken van een krachtige ombudsfunctie voor de burger in geval van administratieve ongelukken. Het hebben van één persoonsnummer voor alle levensterreinen waarop de burger met de overheid (en vele bedrijven) te maken heeft, leidt er in de nieuwe informatie-infrastructuur van de overheid toe dat de burger van het kastje naar de muur wordt gestuurd als onjuiste gegevens via het burgerservicenummer hergebruikt worden.
Informatieplicht: onderzoek naar de naleving van de informatieplicht in verschillende sectoren (waaronder de particuliere recherche) liet zien dat de informatieplicht onvoldoende wordt nageleefd terwijl het informeren van burgers, klanten, consumenten en patiënten essentieel is voor hun vertrouwen in de betreffende gegevensverwerking als zodanig. De naleving van de informatieplicht is ook de concrete voorwaarde willen burgers hun rechten kunnen doen gelden ingeval van een onjuiste of onrechtmatige verwerking van hun gegevens.
Het volledige jaarverslag is te vinden op de website van het CBP: http://www.cbpweb.nl/documenten/jv_2005.shtml
Welcome to the real world...