Minister Johan Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) kan tevreden zijn: inlichtingendienst AIVD mag toch journalisten afluisteren, op voorwaarde dat het daar terughoudend in is. Dat oordeelde het Gerechtshof in Den Haag vandaag nadat een rechter de AIVD vorige maand gebood het afluisteren van journalisten te staken.
Twee Telegraafjournalisten kregen in januari van dit jaar vertrouwelijke informatie toegespeeld via een lek in de AIVD. Daarmee kregen ze gegevens in handen over een onderzoek naar de criminele organisatie rondom Mink K. en over corruptie binnen het justitiële opsporingsapparaat.
Ze schreven in de krant enkele artikelen over het feit dat geheime documenten vrij in de onderwereld konden circuleren. Om het lek boven te krijgen, startte de AIVD een intern onderzoek en luisterde daarbij de journalisten af.
Staatsgeheimen
Sinds de nieuwe wet op de inlichtingen en veiligheidsdiensten mag de AIVD niet alleen verdachte personen afluisteren, maar ook personen die zelf niet verdacht zijn maar wel met verdachten in contact staan. Volgens het Hof mocht de AIVD de journalisten in dit geval afluisteren omdat de nationale veiligheid gevaar liep door de verspreiding van staatsgeheimen. Dat woog zwaarder dan de bescherming van journalistieke bronnen (lees de uitspraak).
Het Hof vindt wel dat de AIVD haar afluisterpraktijken had moeten staken zodra zij andere personen in het vizier kreeg. Vanaf dat moment was er onvoldoende noodzaak meer om de journalisten af te luisteren.
In juni sommeerde de rechter de AIVD nog het afluisteren van de journalisten binnen twee dagen te staken. Bovendien moesten binnen vijf dagen alle gegevens die door het afluisteren waren verkregen, worden verwijderd. Minister Remkes, die verantwoordelijk is voor de AIVD, toonde zich 'zeer onaangenaam verrast' en kondigde aan in hoger beroep te gaan (lees Remkes in beroep tegen AIVD-uitspraak).
Bron: Elsevier, 31-08-2006
Welcome to the real world...